Kleine meisjes worden groot

Onlangs kwam de leidster van mijn dochters kinderdagverblijf naar me toe om te vragen of wij het goed vonden dat Terrorist nr. 2 over ging naar de 3+ groep. Omdat ze, nou ja, inmiddels al geruime tijd 3+ is. En ze dus een beetje uitgekeken raakt op die kleine ukkies in haar klasje en al haar bff’s inmiddels ook op de grote meiden groep zitten. En omdat ze daar meer schoolse dingen doen en dat goede voorbereiding is voor als ze na de zomer de gezegende schoolgaande leeftijd van 4 jaar bereikt. Allemaal hele goede argumenten natuurlijk. Maar ik wilde die leidster eigenlijk het liefst vragen waar ze zo’n ridicuul idee vandaan haalde. Of haar slaan, dat wilde ik eigenlijk ook.

In eerste instantie was ik niet van plan mijn dochter te verplaatsen. Want, hoezo was dat nou weer nodig? Het ging toch goed met haar op de groep? Bovendien, ze was dol op de leidsters. En straks moet ze ook al wennen op de basisschool. Dus haar nu dan voor een paar maanden nog weer ergens anders laten wennen, dat was toch gewoon zielig? Maar toen ze het zelf steeds vaker over haar vriendinnetjes had, die allemaal wél verhuisd waren en ik haar bij het ophalen steeds zeker een kop boven alle andere kindjes uit zag steken, begon ik me toch af te vragen: hield ik haar hier voor háár, of eigenlijk vooral voor mezelf? En tot mijn eigen schaamte hoefde ik over het antwoord op die vraag niet heel lang na te denken. Mama wil stiekem niet dat haar kleine meisje groot wordt.

Het idéé alleen al, dat ze naar een groep van bijna-kleuters kan, ik schiet er gewoon meteen van vol. Mijn baby is plotseling geen baby meer en hoewel ze dat eigenlijk natuurlijk al heel lang niet meer was, is het alsof ik me dat nu pas echt goed realiseer. En opeens ben ik zo’n halfzacht moeder-ei dat haar kind het liefst klein houdt. Omdat ik haar niet los wil laten, de wijde wereld in wil sturen. Want ook al is het slechts naar een speelgroepje drie klassen verder dan waar ze nu zit, wat mij betreft had ik naar zo goed naar donker Afrika kunnen verschepen. Zo voelt het als ik voor de laatste keer haar jas en tas van de kapstok op haar oude groep pak, de lieve, vertrouwde juffen daar gedag zeg en al die andere kindjes, die inderdaad, bij nader inzien, toch wel erg klein zijn, in vergelijking met mijn eigen dame. Die zelf al veel langer door had dat ze de boel ontgroeid was.

Dus nu heb ik afgelopen week mijn Terrorist nr. 2 afgeleverd bij de Nestors van het kinderdagverblijf. En ben ik daarna buiten om een hoekje van het schoolplein even stilletjes gaan staan janken. Waarna ik stiekem door het raam van de nieuwe groep heb gegluurd, in de hoop haar ook snikkend in een hoekje te zien zitten. Maar nee hoor, ze liep in prinsessenjurk de polonaise door het klaslokaal, herenigd met haar al even grote vriendinnen. Dus ik moet het toch maar onder ogen zien: ze was er meer dan klaar voor. Ze gaat duidelijk sneller dan haar moeder, die waarschijnlijk net aan deze stap gewend is, tegen de tijd dat zij al staat te springen voor de deuren van de basisschool. Hoe ik dat ga overleven, die eerste dag dat ze daar over de drempel stapt, daar wil ik nog maar liever niet aan denken. Dan ben ik vanaf nu t/m de zomervakantie namelijk gewoon structureel in tranen, dus ik steek mijn kop nog maar even heel diep in het zand. Want, ons aller Marco zei het al, hoe groot ze ook mag zijn, in mijn ogen blijft ze altijd klein.

Share

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Comment *