Alleen op de wereld?

Laatst bracht ik mijn zoon naar school. In de gang troffen wij een aantal huilende juffen aan. Zij hadden hun week moeten beginnen met de mededeling dat 10% van hen dit jaar ontslag krijgt. Dankzij de bezuinigingen in de zorg. Terwijl ik Terrorist nr. 1 uit zijn jas pelde, keek ik zijn groepsleidster aan. Zij kruipt door het oog van de naald, vertelde ze, maar een hoop van haar collega’s niet. Naast hoe oneerlijk ze het vindt dat die mensen straks op straat staan, is ze bezorgd om de kinderen. Hoe moeten die nog krijgen wat ze nodig hebben, als er geen mensen meer zijn om voor ze te zorgen? Woede borrelt in mij op. Nog geen twee maanden geleden werd ons op het hart gedrukt dat er heus niks zou veranderen. De kinderen zouden niet de dupe worden. Maar ja, al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel.

“Weet je wat het is met jou? Jij moet je gewoon niet zo druk maken. Als je al het leed van de wereld op je schouders neemt, raak je maar gestresst”. Mijn kaak hangt nog net niet op mijn enkels en ik staar verbouwereerd de kring rond. De andere aanwezigen staren terug. In sommige ogen lees ik stille instemming, in andere vooral angst. Angst voor mij en mijn grote bek. Een paar weken geleden heb ik mij aangemeld voor een medezeggenschapsorgaan. Dit is de eerste vergadering, waarin zowel het Passend Onderwijs, als de transitie Jeugdzorg op de agenda staan. Dat ik het met de nieuwe wetten en regels niet eens ben, steek ik niet onder stoelen of banken. Het gaat hier namelijk wel om mijn kind. En de kinderen van anderen. En, om dus maar even ‘al het leed van de wereld op mijn schouders te nemen’, in een veel breder kader ook over de ouderen en andere zorgbehoeftigen in Nederland. Ik woon in Nederland, ik ben een Nederlander. Ik ben de maatschappij. En dus maak ik mij druk.

Maar blijkbaar ben ik de enige. Dat wordt mij in ieder geval voorgespiegeld. Mijn kind zit toch geramd? De zorgindicaties lopen dit jaar nog door. Waarom wind ik me dan zo op? Ik heb toch niks te maken met de juffen die het veld moeten ruimen? Wat maakt het uit dat sommige kinderen tussen wal en schip vallen? Dat zijn toch niet míjn kinderen? En hoezo vraag ik mij af wat er na 2015 met de zorg in ons land gaat gebeuren? Wie dan leeft, wie dan zorgt, tenslotte. De kranten en actualiteitenprogramma’s staan er bol van: mensen die met lege handen komen te staan, omdat de zorg die ze zo hard nodig hebben onder hun neus wordt wegbezuinigd. Oude vrouwtjes moeten voortaan zelf de ramen lappen, autistische kinderen worden aan de deur van school geweigerd en de buurman moet voortaan zelf het dialyse-apparaat van zijn vrouw afstellen, want iedereen kan best een beetje meer ‘eigen verantwoordelijkheid’ nemen. Maar nee hoor, niks om je over op te winden.

MemyselfandIZijn we dan echt zo egoïstisch geworden? Ik kan het me niet voorstellen. Wil het me niet voorstellen. Ik ben geboren in een socialistisch nest. Het één voor allen, allen voor één principe is me met de paplepel ingegoten. Toegegeven, als kind heb ik mij met grote regelmaat groen en geel geërgerd aan het gefilosofeer van mijn idealistische vader en inmiddels leid ik een heel wat minder alternatief hippie-bestaan (alhoewel het delen van een vervallen geitenwollensokkenboerderij in de Achterhoek met eerder genoemde hippie-ouders die bewering wellicht enigszins ontkracht), maar dat saamhorigheidsgevoel sla je er niet uit. Hoewel het in het huidig maatschappelijk klimaat waarschijnlijk makkelijker zou zijn me wat minder gemeenschapsgezind op te stellen, weiger ik mij te conformeren aan het opkomend individualisme. Ik wil niet alleen zijn in deze wereld, slechts preken voor mijn eigen parochie. Hoe eenzaam ben je, als je in een land met ruim 16 miljoen mensen alleen maar aan jezelf kunt denken?

Ben ik inmiddels een soort maatschappelijk unicum geworden? Sterft mijn ‘soort’ in rap tempo uit? Als ik naar mijn vriendenkring kijk, geloof ik daar helemaal niks van. Er is niemand die geen helpende hand wil uitsteken, niemand die niet vol ongeloof voor het Journaal zit waarin te zien is dat mevrouw Pietersen voortaan haar eigen boontjes maar met doppen, niemand die niet zonder mokken een avond paashazen van crêpepapier gaat vouwen op de school van hun kind, ook als ze eigenlijk een schurfthekel hebben aan knutselen. Kortom: niemand die niet om een ander geeft. Maar waar komt dan dat beeld vandaan, dat beeld van de egocentrische maatschappij, waarin iedereen alleen zijn eigen hachje redt?

Normaliter ben ik niet van de complottheorieën, maar soms vraag ik mij af: wordt ons dat individualisme niet gewoon aangepraat, door degenen in het zadel? Want zeg nou zelf: een verdeelde maatschappij is een makkelijk te regeren maatschappij. Wie het gevoel heeft er alleen voor te staan, heeft simpelweg geen tijd meer voor een ander. Je moet tenslotte eerst zelf het vege lijf zien te redden. En ook de mens blijft een primitief wezen. Survival of the fittest. Hoe vaker je hoort dat er niemand is die om je geeft, hoe meer je dat ook gaat geloven. Ik ben ook bang. Soms. Want wie zorgt er straks voor mij, als ik wel in die rolstoel beland? Moet mijn autistische zoon dan mijn ramen lappen? Mijn zieke dochter me over mijn erf duwen? Mijn hardwerkende echtgenoot zijn baan opgeven? Hoe kun je niet bang zijn in een wereld, waarin je er alleen voor staat?

Echter, angst is een slechte raadgever. Want nee, de mens is niet egoïstisch, de mens is juist een kudde-dier. Maar als je de kudde uit elkaar drijft, worden de gelederen zwak en kunnen we het niet meer voor elkaar opnemen. Dat is jammer, want niemand wil alleen zijn. En toch worden we steeds eenzamer. Omdat ons verteld wordt dat we niemand hebben. Terwijl ik denk dat we allemaal het liefst samen zijn. Ik in ieder geval wel, dus ik blijf me maar gewoon druk maken. Om mezelf, mijn kinderen, mijn familie. Maar ook om de buurvrouw en de klasgenootjes van mijn zoon en de arme kindertjes in Afrika. Ik draag liever samen al het leed van de wereld, dan dat ik nooit mijn hoofd op iemands schouder kan leggen. Want dát idee, dáár raak ik pas gestresst van.

Share

4 Comments on Alleen op de wereld?

  1. Maran
    2 februari 2015 at 14:15 (3 jaar ago)

    Jouw verhaal heeft niet zo zeer te maken met een groeiend egoïsme als wel met de Achterhoekse cultuur. De meeste Achterhoekers zijn sociaal zeer begaan, zien het zelfs als een vanzelfsprekendheid, maar wensen het niet te duidelijk te laten merken. Jij wel, en dat botst. Cultuurverschil(letje). Been there, done that.

    Beantwoorden
  2. Vala
    2 februari 2015 at 14:20 (3 jaar ago)

    Dag Maran,

    Bedankt voor je reactie. Ik heb het in dit stuk echter niet zozeer over de Achterhoek, maar meer over het overkoepelend maatschappelijk-sociaal klimaat in heel Nederland. Dat de meeste Achterhoekers zeer sociaal begaan zijn, daar ben ik mij van bewust. Dit is dan dus ook zeker geen aanklacht tegen de mentaliteit hier in de Achterhoek. Sowieso denk ik dat de meeste mensen in ons land niet egoïstisch zijn, want zoals ik schreef: in mijn optiek is de mens juist een kudde-dier en willen we het allemaal het liefst samen doen. Maar als dat heel moeilijk gemaakt wordt, hebben mensen het gevoel dat ze er alleen voor staan. En dat is, wat mij betreft, een kwalijke zaak.

    Beantwoorden
  3. chica
    2 februari 2015 at 20:32 (3 jaar ago)

    Vorige week gebeurde iets in mijn leven waardoor ik dat gevoel heel sterk had: van alleen zijn op een wrede, kille wereld. Vrienden, kennissen en zelfs onbekenden hebben mij het gevoel weer terug te geven van ‘samen sterk zijn’. Dat gevoel geeft je zo’n kracht dat je dingen durft te doen die boven je eigen macht stijgen. Je bent samen sterker dan je afzonderlijke kracht.
    Ik wou dat ik bij die avond was geweest en ik wou dat ik de 10% juffen kon troosten. NATUURLIJK heeft dit ook invloed op je eigen wereld. Wij zijn verbonden en ik ken genoeg Achterhoekers die een hele andere cultuur hebben dan wat jij schetst, Maran. Daarnaast vind ik dan zo’n opmerking botsen met ‘sociaal begaan zijn’. Sowieso snap ik niet dat je in het medezeggenschapsorgaan zit als je niet van plan bent om het leed van de wereld op je schouders te dragen. Dat is toch de hele bedoeling van daar lid van te zijn?
    Ik hoor graag hoe we andere Nederlanders in beweging kunnen brengen. Ik doe mee, want samen staan we sterk en niemand is alleen op de wereld.

    Beantwoorden
  4. Vala
    2 februari 2015 at 21:00 (3 jaar ago)

    Dat snap ik inderdaad ook niet: hoe kan het zo zijn dat je in een medezeggenschapsraad zit met een stel mensen, je je uitspreekt over bepaalde zaken, zaken die ons allemaal aangaan, en dat er dan gezegd wordt dat je je vooral niet druk moet maken om een ander? Daar valt mijn mond dan echt van open. En ik word er ook boos van.

    Beantwoorden

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Comment *