De boerderij komt met gebreken

Sinds ik mijzelf officieel huis-eigenaar mag noemen, heb ik af en toe nachtmerries. Dit is namelijk het eerste (en hopelijk ook het laatste) huis dat ik ooit gekocht heb en ik vind het maar een hele verantwoordelijkheid. Ja ja, kleine meisjes worden groot enzo. Kinderen krijgen, daar draai ik mijn hand niet voor om, maar van het grootgrondbezitterschap word ik geregeld zwetend wakker.

Kunnen we de hypotheek echt wel betalen? Wat nou als manlief z’n baan kwijtraakt? Kan ik zelf nog wel werk vinden als ik iets anders wil doen dan biologische geitenkaas maken? En vooral: hoe gaan we die hele boerderij in vredesnaam verbouwen? De ene helft ziet eruit alsof het nog 1920 is en de andere helft stort van ellende gewoon helemaal in elkaar, dus als dat schip met geld deze oudejaarsavond nou wéér niet binnenkomt, dan vrees ik dat het een kwestie wordt van permanent kamperen in eigen huis.

De meeste mensen ervaren een tijdelijke paniekaanval tijdens een verhuizing. Die komt dan meestal als ze zo ongeveer halverwege zijn en ze bij nader inzien toch nog één blik verf extra moeten kopen. Dat is normaal, hoort erbij. Wij zijn nu welgeteld drie dagen bezig en ik zat vandaag al ruimschoots aan mijn paniekquotum. Dat is verontrustend, gezien het feit dat ik nog minstens tien jaar verbouwingsstress te gaan heb. En dan doe ik een optimistische schatting.

May3_2014_1Wij hebben zo’n honderd kamers (het kan zijn dat ik overdrijf, maar door de stress zie ik het allemaal niet zo helder meer) en die zijn door de vorige eigenaren ALLEMAAL in een andere, oogverblindende kleur geschilderd. Het kleurenpalet is werkelijk verbluffend: Kermitgroen, hemelsblauw, cognacachtig-oranje. Een ware uitdaging voor het optisch vermogen. Omdat wij meer van het less is more principe zijn, gingen we naar de Gamma en kwamen terug met grof geschut: vijf monstertonnen ‘Stralend Wit Powerdek’. In één keer dekkend, was de belofte op de gebruiksaanwijzing. Verbeten gingen we aan het werk. Inmiddels zijn we drie verflagen verder en is de Kermitgroene kamer mintgroen.

De afgeragde tapijtjes (voor optimaal visueel effect allemaal in bijpassende kleuren) zijn met bizonkit recht op de betonnen vloeren gelijmd, tegen de muur van de woonkamer zijn allemaal houten schrootjes geslagen zodat het lijkt alsof je in de sauna woont en de badkamer is een soort uit de kluiten gewassen kast waarin je alleen half gebukt kunt douchen. Oh ja, en in een deel van de boerderij zit geen plafond.

Met spontane RSI van het schilderen stapte ik vanmiddag in de auto. Terwijl ik de klusblaren op mijn handen zag opzwellen vroeg ik mij wederom paniekerig af waar we aan begonnen zijn. Waarom moesten we zo nodig een boerderij kopen? Waarom konden we niet tevreden zijn met een leuk appartement in Amsterdam, een gezellige nieuwbouw-woning in de buitenwijken van Utrecht, of eventueel een plek op de wachtlijst van een nog te bouwen vinex-wijk in Almere?

Bij het wegrijden lag de boerderij er vredig bij in de avondzon. Met glimmende, versgeschilderde kozijnen en een zee van bloemen in de tuin. Het Achterhoekse landschap was glooiend en groen (mooi groen dus, niet Kermitgroen) en in het weiland sprong een konijntje rond. Oh ja, dat was de reden. Omdat we straks permanent een vakantiegevoel hebben. En zeg nou zelf, een écht vakantiehuis is toch ook altijd een beetje aftands.

Share

1 Comment on De boerderij komt met gebreken

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Comment *